Marius de Jongere
Rotterdamse havenschilder
Datering van werken

Sommige kunstenaars dateren hun werk, anderen vermelden geen vervaardigingsjaar op hun creatie.
Achter de keuze om werk niet te dateren gaan voor de kunstenaar vaak esthetische of zakelijke motieven schuil. Sommigen vinden dat een jaartal op een doek de voorstelling ontsiert. Anderen hebben liever niet dat de belastingdienst of kopers en handelaren kunnen zien wanneer een werk gemaakt is. Dat die laatste groepen die informatie wordt onthouden zal misschien verbazing wekken, maar hier spelen wel degelijk verkoopbelangen voor de kunstenaar een rol.

Marius Drulman dateerde zijn werk slechts zelden. Had hij zakelijke motieven?
Een voorbeeldje (op basis van mijn onderzoeksgegevens).
In 1955 bepaalde Marius Drulman zijn verkoopprijs voor een schilderij van 60x100cm op 225 guldens, in 1968 vroeg hij voor een schilderij van die afmetingen ongeveer 450 guldens, in 1973 moesten handelaren voor een dergelijk doek ongeveer 650 guldens betalen. Denkt u dat Marius voor een doek als daarop het jaartal 1955 had gestaan in 1973 bij kunsthandels 650 guldens had gekregen?
Niet dateren had dus vooral een zakelijke achtergrond.

Als werken niet gedateerd zijn wordt het voor kunsthistorici en kunsthandelaren ook een stuk lastiger om te bepalen wanneer ze gemaakt zijn. Soms wordt die onwetendheid verhuld. Over de werken van Marius Drulman wordt dan gesproken in termen van ‘bruine periode’, ‘blauwe periode’ en ‘grijze periode’. Allemaal onzin, zo komt uit mijn onderzoek naar voren. In zijn zogenaamd ‘bruine periode’ schilderde Marius prachtige blonde havengezichten, in zijn ‘blauwe periode’ komen we werken tegen waarin de bruintinten domineren.

Ik heb honderden werken van Marius Drulman uitgebreid onderzocht om de vervaardigingsjaren te bepalen. Marius Drulman wist zelf wèl wanneer hij een werk gemaakt had door het te voorzien van een geheime code. Door het kraken van deze ‘De Jongere-code’ konden alle werken die vervaardigd waren in de periode 1950-1977 op vervaardigingsjaar gedateerd worden.

In het manuscript doe ik daarvan verslag. Ik beschouw dat als een belangrijke stap, omdat je daarmee de werken van Marius per jaar op volgorde kan leggen en daarmee beter zicht krijgt op zijn ontwikkeling als kunstenaar.
Vragen als: wat waren zijn beste jaren, wanneer was hij het meest productief, op welke leeftijd het meest creatief, wanneer begon hij zichzelf te herhalen, wanneer tekenden zich stijlveranderingen af kunnen dan gefundeerd beantwoord worden.

De opbrengsten van het dateringsonderzoek heb ik in het deel over de werken van Marius Drulman in het manuscript toegepast op de daar (meer dan 180) afgebeelde werken. Het is een representatief oeuvre-overzicht waarin alle afbeeldingen van werken van zijn hand zijn gedateerd.

Het afgelopen jaar hebben zowel particulieren als verschillende kunsthandels me gevraagd of ik hun De Jongere wilde dateren. Ik deed dat met plezier en kosteloos. Ik blijf dat op verzoek wel doen.

Welkom op de site over Marius de JongereOver Marius DrulmanBoek over Marius de JongereExpertise en dienstenContact